raag aan willekeurige mensen op straat of ze tempranillo, sangiovese of müller-thurgau kennen en niet veel zullen bevestigend antwoorden. Maar noem je merlot, chardonnay of cabernet-sauvignon, dan is de kans daarop veel groter. Ook zullen de nodige mensen weten wat een sommelier is, kennen ze het begrip appellation controlée en wellicht hebben ze ook eerder kennisgenomen van termen als mise en bouteille, millésime, sur lie, barrique en grand cru. Namen als Champagne, Meursault, Pomerol, Châteauneuf-du-Pape, Chablis en Sancerre zullen ze ook niet onbekend voorkomen. Allemaal zijn ze verbonden met het wijnland Frankrijk. Hoe het komt dat wij in Nederland – maar in veel andere landen geldt dit ook – zoveel meer weten van wijnland Frankrijk dan van welk ander land dan ook, daar geef ik u graag antwoord op. Frankrijk is zeker niet het oudste wijnland ter wereld. Die eer is voorbehouden aan Georgië, waar ze meer dan achtduizend jaar terug begonnen met de wijnbouw. Daarna komen Iran, Armenië, Libanon en Egypte – allemaal landen die anno 2026 niet prominent meer aanwezig zijn als wijnproducent. Het zijn de Grieken die rond 600 v. Chr. druiven en de wijncultuur naar het zuiden van Frankrijk brengen, wat de Romeinen vijfhonderd jaar later naar andere delen van het land uitbreidden. Deze Romeinen introduceren bovendien ook meer geavanceerde wijnbouwtechnieken, waarmee ze de basis leggen voor de beroemde wijnstreken die we nu kennen.
Iedere regio een eigen identiteit
Frankrijk blijkt een ideaal land voor de productie van wijn: het klimaat, met warme zomers en gematigde winters, is goed en ook de waterdoorlatende bodems zijn ideaal. De microklimaten in gebieden als Bordeaux, Bourgogne, de Rhônevallei en Champagne blijken voor bepaalde druivenrassen de perfecte omstandigheden te bieden. Na de val van het Romeinse Rijk zet de kerk de rol als belangrijke wijnproducent voort, doordat monniken in hun kloosters wijn verbouwen (en verbeteren) voor hun sacramenten. Beetje bij beetje wordt wijn in Frankrijk onderdeel van het dagelijks leven.
De Romeinen legden de basis voor de beroemde wijnstreken die we nu kennen.
Van de aristocratie en de kerk tot aan de boerenbevolking, iedereen drinkt mee, mede omdat wijn in de middeleeuwen nu eenmaal veiliger is om te drinken dan water. Iedere regio ontwikkelt in die tijd z’n eigen wijntradities en gebruikt zijn eigen druivenrassen. Daarmee wordt wijn onderdeel van de lokale identiteit.
Wijn brengt welvaart
Ook economische belangen beginnen nu een rol te spelen. Wijn wordt via de rivieren, de Middellandse Zee en de Atlantische Oceaan geëxporteerd naar andere landen. En zeker ook via de kolonies wordt Franse wijn al vroeg wereldwijd bekend. En met het toenemende belang van de wijnbouw, is er ook continu aandacht (en geld) voor innovatie, waardoor de kwaliteit verder verbetert en daarmee het aanzien van de Franse wijnen toeneemt. Napoleon III is iemand die zich bewust is van de commerciële kracht en het prestige van het Franse exportproduct, dat op dat moment vooral vanuit Bordeaux komt. Al eeuwen doen de Engelsen zich tegoed aan deze zogenaamde clairets en ook Amerika is groot afnemer. Voor de wereldtentoonstelling in 1855 in Parijs laat Napoleon een officieel klassement opstellen van alle topwijnen uit de Médoc en Sauternes. Een klassement dat de wijnen nog meer aanzien geeft en dat tot op de dag van vandaag een grote impact heeft in de wijnwereld. Een ander prestigegebied met wereldwijde bekendheid is natuurlijk Champagne. Een drank die tot in de verste uithoek van onze aardbol wordt gedronken om belangrijke momenten met elkaar te vieren. En welke wijnliefhebber kent niet de namen Sancerre, Chablis, Meursault, Pomerol of Châteauneuf-du-Pape? Wijndorpen die zijn verworden tot merken en die gelijkstaan aan kwaliteitswijn. Ankerpunten op iedere wijnkaart, tot op de dag van vandaag. Want in de wijn producerende landen is de keuze snel gemaakt: daar drinkt men met name de lokale wijn. Maar daarbuiten is het maken van een wijnkeuze, behalve dan qua kleur en prijs, een lastige opgave en zijn herkenbare handvatten welkom.
AOC’s staan voor kwaliteit en typiciteit
Wat sterk heeft bijgedragen aan de herkenbaarheid van de Franse wijnen is de invoering van het gecontroleerde herkomstgebied, de appellation d’origine controlée, kortweg AOC. Alhoewel dit in bijvoorbeeld Porto al veel langer bestaat, is Frankrijk het eerste land dat al in de jaren dertig van de vorige eeuw op grote schaal gecontroleerde herkomstgebieden begint in te voeren. Hierin wordt een minimaal kwaliteitsniveau vastgelegd, en daarnaast een gewenste typiciteit van de wijnen uit een bepaalde regio, met voorgeschreven druivenrassen als belangrijk onderdeel. Lange tijd staat de AOC gelijk aan een hogere kwaliteit dan die van landwijnen, wat de AOC-gebieden een goede reputatie oplevert.
Frankrijk ontdekt zijn terroir
Een ander typisch Frans begrip in de wijnbouw is de term terroir, wat een stuk veelomvattender is dan alleen grond of bodem. Terroir gaat naast de bodemsamenstelling ook over weer en klimaat, de topografie (hoogte, hellingsgraad, oriëntatie op de zon) én de menselijke invloed. In het Engels wordt het vertaald met sense of place, de ziel of het gevoel van een plek. Het begrip doet in de jaren twintig van de vorige eeuw in deze context zijn intrede in de wijnwereld en wordt verbonden met de Franse wijnproducent Baron Pierre Le Roy de Boiseaumarié. Mede door zijn inspanningen ontstaat in 1936 Frankrijks eerste AOC, Château-neuf-du-Pape. Dat plaats een grote invloed heeft op de kwaliteit van wijn was natuurlijk al veel langer bekend, neem alleen de cisterciënzer monniken die in de Bourgogne al in de elfde eeuw na Christus specifieke wijngaarden namen geven en waarderingen.
Kennis is macht
Frankrijk heeft in vergelijking met de omliggende wijnproducerende landen als Spanje en Italië lange tijd een flinke kennisvoorsprong. Deze voor-sprong wordt verder vergroot door alle inspanningen voor de land- en wijnbouw aan de universiteiten van Montpellier en Bordeaux. Als in de negentiende eeuw de druifluis (phylloxera) vanuit Amerika in Europa voet aan de grond krijgt en hier een groot percentage van alle wijngaarden verwoest, zijn het Franse onderzoekers die ontdekken dat talrijke Amerikaanse wijnstokken resistent zijn geworden tegen deze druifluis en dat men loten van Franse wijnstokken kan enten op resistente Amerikaanse onderstammen als oplossing voor het allesverwoestende probleem van de luis. Hun methode redt uiteindelijk de Europese wijnbouw. Het zwaar getroffen Spanje (met name Rioja) roept de hulp in van Frankrijk voor advies.
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
21.95
20.40
per fles
0.75l
(Voorverkoop)
per fles
bij 6
flessen,
14.60
13.50
per fles
0.75l
(Voorverkoop)
per fles
bij 6
flessen,
22.50
20.95
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
17.95
16.70
per fles
Een nieuwe wijnwereld
Phylloxera is een groot probleem voor de wijnbouw in Europa tot het begin van de twintigste eeuw, gevolgd door de Eerste Wereldoorlog en niet veel later de Tweede Wereldoorlog. De wederopbouw komt pas echt op gang in de jaren zestig, geholpen door mechanisering, de introductie van synthetische onkruidverdelgers als glyfosaat en andere moderne productiemethoden. Al deze innovaties stellen boeren in staat hun kosten te verlagen en hun productie te verhogen. In de jaren zeventig en tachtig worden er uitvindingen gedaan als temperatuurcontrole en de koude schilweking, wat resulteert in een constantere kwaliteit en meer expressieve wijnen, die al jong lekker zijn. Veel van deze kennis komt uit Frankrijk, of wordt daar op grote schaal toegepast. Steeds vaker doen andere landen een beroep op Franse experts om te helpen de kwaliteit van hun wijnen te verbeteren. Met als gevolg dat de wijnbouw een hoge vlucht neemt in landen als de VS, Australië, Chili en Argentinië, toepasselijk de Nieuwe Wereld genoemd. Naast dat wijnmakers hier veel van de Fransen leren, hebben ze tegelijkertijd geen last van alle beperkingen van een AOC of een eeuwenoude wijncultuur. Zij kunnen in alle vrijheid hun wijnen maken. Nog een verschil: moet je als consument zelf achterhalen van welke druiven een Franse wijn wordt gemaakt, in de Nieuwe Wereld staat de druif als USP groots op het etiket. De Fransen vinden dat maar niets en praten er denigrerend over, wat best kan voortkomen uit jaloezie. Want deze nieuwe wijnen zijn erg populair in het Verenigd Koninkrijk, de VS en ook in Nederland. Chardonnay, shiraz (syrah), merlot, cabernet-sauvignon en sauvignon blanc; het worden merken. En sommige van deze druiven worden zo populair dat ze overal worden aangeplant. Terroir is niet belangrijk, het gaat om de druif en in de kelder kan men zorgen dat de wijn ieder jaar de juiste, zelfde smaak heeft. Techniek boven terroir. De consument vindt deze wijnen zeer aantrekkelijk: ze zijn betaalbaar, fruitgedreven, soms met een klein zoetje en vooral consistent. Moest je Franse wijnen leren drinken en begrijpen, deze nieuwe wereldwijnen geven direct plezier. Een jongere generatie voelt zich hier ook toe aangetrokken; die ingewikkelde Franse wijnen laten ze graag liggen voor hun ouders. Zelf gaan ze voor het plezier van deze exoten. In Nederland maakt het wijn toegankelijk onder een bredere groep van consumenten. Wijn democratiseert en is niet meer voorbehouden aan de elite. Ondertussen spreken de Fransen van oneerlijke concurrentie en gebrek aan cultuur.
Overal ter wereld geldt champagne als de absolute standaard voor mousserende wijn.
Bordeaux exporteert zijn brein
In Frankrijk beginnen er nu ook dingen te veranderen. Zo begint men zich in de Languedoc, Frankrijks grootste productiegebied van goedkopere wijnen, ook toe te leggen op het maken van cépagewijnen, wijnen gemaakt van één enkele druif. En buiten de AOC, als Vin de Pays, is het toegestaan om naar voorbeeld van de Nieuwe Wereld de druif op het etiket te vermelden. In het hogere segment beginnen dingen ook anders te gaan. Een beroemde wijnconsultant en vriend van de fameuze wijnjournalist Robert Parker, Michel Rolland, drukt een grote stempel op de wijnproductie van de jaren negentig en de jaren 2000. Hij leert boeren hoe ze rijpere druiven kunnen krijgen (onder andere door zo laat mogelijk te oogsten), waardoor ze langer en intensiever kunnen weken (meer extractie) tijdens de vergisting. De tweede (melkzure) gisting en opvoeding laat hij plaatsvinden op liefst nieuwe eiken vaten, voor extra houtaroma’s in de wijn. Parker is dol op dit soort wijnen en geeft ze hoge punten, wat weer goed is voor de commercie. Door het grote succes van Rolland in met name Bordeaux krijgt hij steeds meer uitgenodigingen om zijn adviezen in het buitenland te komen geven en wordt daarmee de eerste zogenaamde flying winemaker. Zijn werkgebied breidt zich uit naar Spanje, Italië, Argentinië, Chili, Californië, Zuid-Afrika en Australië. Zijn signatuur is heel duidelijk, met technische wijnen van hoge kwaliteit, die hun terroir domineren. Zoals dat gaat roert zich ook een tegenbeweging, bijvoorbeeld vanuit een andere Bordelais: Stéphane Derenoncourt. Hij staat voor meer terroir-invloed, minder extractie en minder hout. Ook hij wordt flying winemaker, en is vooral actief in Bordeaux, Italië, Spanje, de VS, Georgië en Libanon.
Een andere beroemde Franse flying winemaker, eveneens uit Bordeaux, is Denis Dubourdieu, dé expert op het gebied van frisse, aromatische witte wijnen. Veel van zijn werk doet hij, naast in Bordeaux, in Nieuw-Zeeland, Chili en Zuid-Afrika. Jacques Lurton, een andere wittewijnenexpert eveneens uit Bordeaux, verdient zijn sporen vooral in Spanje, Portugal, Australië en Argentinië. Merlot-expert Jean-Claude Berrouet (voormalig wijnmaker Petrus) is dan weer actief in Napa, Spanje en Italië. Stuk voor stuk Franse experts die de wijnwereld met elkaar naar een hoger niveau tillen in de periode 1990 - 2020. Kort gezegd: Bordeaux exporteert zijn brein. Een nieuwe generatie is er vandaag de dag ook, met namen als Thomas Duclos – opgeleid door Rolland, maar moderner en preciezer – en Nicolas Glumineau – een technisch begaafde specialist die structuur graag combineert met elegantie.
De Nieuwe Wereld wordt volwassen
Met de jaren komt er in veel andere landen de benodigde eigen expertise. Jonge wijnmakers zijn hoog opgeleid, steeds vaker in eigen land, al dan niet aangevuld met een masterdiploma van een buitenlandse universiteit. Ze lopen stages over de hele wereld en nemen hun kennis mee terug naar eigen land en wisselen daar ook onderling veel kennis met elkaar uit. Er komt ook steeds meer sense of place naar boven, oftewel: terroir wordt belangrijk. Druiven die niet op een bepaalde plek thuishoren, worden vervangen door andere, beter passende druiven. Daarnaast worden er nieuwe productiegebieden ontgonnen, vaak op koelere plekken; wijnmakers gaan op zoek naar een natuurlijke balans in de druiven, om zodoende de wijn in de wijngaard te maken en niet in de kelder.
De nieuwe wijnwereld heeft geen last van de beperkingen van een AOC of een eeuwenoude wijncultuur.
Maar ook is inmiddels duidelijk dat bepaalde Franse druivenrassen het in de gebieden waarin ze werden aangeplant het meer dan uitstekend doen. Wat te denken van malbec in Mendoza in Argentinië. Een druif die van oorsprong uit Cahors en Bordeaux komt, maar in Mendoza inmiddels een wereldster is geworden. Hetzelfde geldt voor de carmenère in Chili, de tannat in Uruguay en de sauvignon in Marlborough, Nieuw-Zeeland. En dat zijn zeker niet de enige druiven die inmiddels buiten Frankrijk hun juiste terroir hebben gevonden, waar ze garant staan voor fantastische wijnen. Een interessant fenomeen hierbij is dat we ook nieuwe ontwikkelingen in stijl waarnemen. Marlborough was lange tijd geliefd om de zeer uitbundige, expressieve, tropische stijl sauvignon blanc, maar inmiddels is een groeiend deel van de consumenten uitgekeken op deze ietwat karikaturale wijnen. In reactie zien we dat steeds meer producenten hier op zoek gaan naar een meer ingetogen stijl, met meer structuur en complexiteit.
Tijd voor een eigen identiteit
We kunnen concluderen dat in een volwassen wordende internationale wijnproductiemarkt het zelfvertrouwen in de verschillende wijnlanden en wijngebieden verder toeneemt. Producenten proberen Frankrijk niet meer te kopiëren, maar gaan op zoek naar hun eigen identiteit. Oude, autochtone druivenrassen worden herontdekt en opnieuw aangeplant en vervangen de Franse druiven. Zeker in oude wijnlanden als Spanje en Italië, waar men lange tijd is vast blijven houden aan oude lokale tradities die van vader op zoon werden doorgegeven, waait er inmiddels een frisse wind: een jonge hoogopgeleide generatie mixt tradities met nieuwe inzichten en innovatie.
Wijn hoeft niet meer Frans te smaken om goed gevonden te worden. Daar zijn we nu wel een beetje klaar mee. En pinot noir uit Central Otago of Oregon hoeft niet meer te smaken als een Pommard of Gevrey-Chambertin. Net zomin als cabernet uit Napa naar Pauillac moet smaken en syrah uit Swartland naar Côte-Rôtie. Vandaag de dag hebben wijnlanden stuk voor stuk hun eigen identiteit, hun eigen terroir, hun eigen sense of place. Is daarmee Franse wijn nu niet meer interessant? Het tegenovergestelde is waar. Franse wijnen behoren nog altijd tot de beste wijnen ter wereld, de diversiteit is er groots en de sense of place geweldig. Maar met de opkomst van al die andere prachtige wijnen, is de wijnwereld wel verder verrijkt en alleen maar boeiender geworden. Of de Fransen hier zelf ook zo over denken is een andere vraag…
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
69.00
63.50
per fles
0.75l
(Voorverkoop)
per fles
bij 6
flessen,
14.60
13.50
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
17.95
16.70
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
21.95
20.40
per fles
0.75l
(Voorverkoop)
per fles
bij 6
flessen,
22.50
20.95
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
20.50
19.10
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
24.50
22.70
per fles
0.75l
per fles
bij 6
flessen,
51.50
47.50
per fles